SMOESJES

Het in de markt zetten van een nieuwe vergaderlocatie is geen abc’tje. Want hoe vernieuwend, inspirerend en succesvol het concept ook is, de tent loopt niet vanzelf vol. Nou ja, een keer dan, toen een groepje van 15 personen ’s ochtends tot onze grote verrassing vragend aan de deur stond omdat ze verontwaardigd weggelopen waren bij een andere locatie. Maar dit soort droomscenario’s blijven dus vooral een droom. En dromen zijn bedrog zong onze Marco al lang geleden…
 
Dus komt het aan op sales of ik nou wil of niet. En meestal wil ik niet. Ik ben er niet echt voor in de wieg gelegd. Althans vind ik zelf. Niemand die mijn mening deelt, maar dit terzijde. Een sales- en marketingplan maken is een eerste logische stap. Niet achteraf als de cijfers tegenvallen (snoeiharde les uit het verleden) maar juist vooraf. Een stevig plan voorzien van doelstellingen en actiepunten. So far, so good. Nu nog uitvoeren. Keuzes maken en het budget zorgvuldig verdelen. Adverteren? Oef. Dat is prijzig, dat kan zo maar je hele budget op souperen. Free publicity? Dat betekent jezelf eerst een versuffing netwerken. Ook niet echt mijn ding. Mailings? 98% verdwijnt direct in de spam of in de prullenmand. Ik voel mijzelf verstijven, het moment van de waarheid nadert.
 
Want blijft over: bijna antiek maar nog steeds zeer effectief: de koude salescall. Mits je op het juiste moment belt. Het juiste moment. Wanneer is dat dan? Op maandag beslist niet. Grote kans dat je chagrijnig wordt afgebekt. Dinsdag is ideaal, dan zou statistisch gezien de bereikbaarheid het grootst zijn, ware het niet dat juist omdat iedereen aanwezig is, er massaal vergaderd wordt, in òf out of office. Woensdag is een no go. ‘s Ochtends kan je nog een kansje wagen maar de middag is uitgesloten. Moeders vertoeven in een of ander speelparadijs (dit woord moet per direct verboden worden) of rennen van clubje naar clubje met hun kroost. Papadag-mannen (gruwel, gruwel, en wie heeft dit woord uitgevonden?) spetteren met de kleintjes rond in een zwembad of staan juichend langs de lijn. Donderdag = dinsdag. En vrijdag doet zijn naam eer aan, dan is iedereen vrij.
 
De periode is ook lastig. De eerste helft van januari zeker niet. Kansloos. Dan moet iedereen bijkomen van een eindeloze reeks van geslaagde òf drakerige feestdagen. Februari valt ook af, dan heerst er wintersportkoorts of griep die naar ik begrijp minstens 3 weken duurt. April en mei staan in het teken van voorjaarsmoeheid en meivakantie, geen mens te bereiken. In juni zijn mensen zonder kinderen massaal afwezig waarna in juli en augustus de mensen met kinderen de hort op zijn (en je weet van tevoren niet wie wel of geen kinderen heeft). September is het nieuwe januari, iedereen moet weer op gang komen om eenmaal opgeladen in oktober weer een herfstig uitstapje te maken. In november is iedereen druk met de pre-activiteiten voor de feestdagen en in december werkt er sowieso niemand.
 
Blijft de maand maart over. Lange maand, geen feestdag te bekennen (tenzij de paashaas te vroeg langs wipt), iedereen uitgeziekt, fit, fris en volgens mijn uitvoerige analyse, bereikbaar! Kortom, de ideale maand. Mijn agenda staat geblokt, er komt niets meer tussen, geen smoesjes, geen uitvluchten.  Nou ja, behalve maandag 16 maart dan (en in het meest gunstige geval alle dagen die daarna volgen). Die dag vindt de uitreiking plaats van de Nationale Meeting Award en zitten wij als een van de finalisten (Music Meeting Lounge – categorie S) verwachtingsvol in de zaal.
 
Bedrogen ben ik net even te vaak, dus laat deze droom nu maar eens werkelijkheid worden, al zou het alleen maar zijn dat ik dan voorlopig even geen sales meer hoef te doen.
 
Deze column is geschreven voor Meeting Magazine.